Brussel is dood, lang leve Brussel! (5)

18320917_1873388319545447_3771880641284104217_o

18320917_1873388319545447_3771880641284104217_o

 

Misschien is het ook wel fijn. Zo’n doodse stad. Misschien heeft het ook wel zo zijn charme dat de stad aan zijn lot wordt overgelaten, wordt uitgewoond door niet-bewoners en je niet mee hoeft met de drukte en gedrang. Je hoeft hier niet te gaan flaneren en je mooiste kleren aan te doen, als in Parijs. Niet te gaan fietsen en te zwoegen door weer en wind, zoals in Amsterdam. Geen muziek te horen, geen gezang, geen fado als in Lissabon. ‘Wij zijn geen London of Barcelona,’ zeggen sommigen. ‘Wij zijn Brussel! Bij ons heb je tenminste gekke en vuile plekken, en het gaat er allemaal wat langzamer aan toe. Wat zwaarder, een beetje moeizamer. We zijn trots dat we door andere Europeanen een beetje met de nek worden aangekeken. We zijn als een Atlas met de zware last op onze schouders. Brussel is dood, lang leve Brussel!’, roepen de mensen die trots zijn op de hoofdstad. En misschien is het ook wel plezant om de stad niet terug te hoeven geven aan haar bewoners zoals in iedere andere Europese hoofdstad. Geen horden mensen op straat, geen frisse lucht die we inademen, geen overtoeristificatie als in andere steden. ‘Al dat gedoe. Hou op, zeg! Er is hier toch muziek genoeg?’

Er speelt inderdaad een bandje op een pleintje bij mij in de buurt. Mijn nichtje en ik lopen er langs als we op weg zijn naar mijn huis. Op een klein houten podium, onder een tentzeil, speelt een groep rondtrekkende Franse muzikanten voor een tiental toehoorders. Op een wit doek achter het podium zijn leuzen opgeschreven: niemand is illegaal. En: music brings humanity together. Italiaans hoor ik in het publiek, Frans uit Parijs. Het lijken kunstenaars te zijn, gekleed als alternatieve hipster met korte truitjes en hoogzittende spijkerbroeken uit de jaren 80. Een enkeling met een snor. Als de muzikanten even pauze nemen hoor ik een aantal in het publiek fel discussiëren. Een jongen vindt dat het gebrek aan solidariteit en het afbrokkelen van de sociale cohesie een probleem is, de politieke desinteresse om de komst van immigranten op humane wijze op te vangen als oorzaak. Een andere roept dat Brussel juist een proeftuin van Europa moet zijn, dat diversiteit een kracht is. En zo vloeit de discussie als snel over in de volgende onderwerpen; de oorlog in het Midden-Oosten, de doodseskaders in de Levant, de vluchtelingenopvang in Brussel. En terwijl ze zo hevig aan het discussiëren zijn, zijn er iets verderop, op een met hekken omsloten veldje, een aantal jongens een balletje trappen. Ze lijken uit het nabije Oriënt te komen. Misschien zijn het wel vluchtelingen? Misschien komen ze wel uit de oorlogsgebieden? Maar er is niemand die uit het praatgroepje stapt en de voetballende jongens uitnodigt om te komen meepraten en te luisteren naar de muziek.

Zal het zo blijven? Zal Brussel zichzelf verschonen, de wijken vergroenen, de elektrische auto en bus omarmen, de fietser ruim baan geven en de voetganger de middeleeuwse straatjes weer teruggeven? Of zal er niets gebeuren en de politici hun schouders ophalen, de stedeling zichzelf verstikken en het groen uitgerukt en geasfalteerd worden? Zal de status quo tussen arm en rijk onveranderlijk blijven?

No, and not forever’, zegt een buurman tegen Wang Lung in The Good Earth van de Amerikaanse romanschrijfster Pearl Buck. ‘When the rich are too rich there are ways, and when the poor are too poor there are ways [..] and if I am not mistaken, that way will come soon.’

Hopelijk komt er snel verandering en zal de Brusselaar weer zorgen dat hij in verbinding komt te staan met de omgeving! Aandacht voor gezond leven neemt momenteel in Europa sterk toe. Er is meer behoefte aan een humanere indeling van de openbare ruimte en een sterke wil om weer terug gaan naar de menselijke maat. Misschien is het dus gewoon een kwestie van tijd vooraleer de Brusselaar de stad terug inneemt, schone lucht en meer groen wil, gaat wandelen en fietsen, de auto laat staan en vaker het openbaar vervoer neemt, en van de overheid eist dat er naar hem of haar geluisterd wordt. Toch zal het de stadsmens zelf moeten zijn die zich gaat afvragen: Hoe kan ik mijn leven beter maken? Hoe kan ik mijn directe omgeving, mijn wijk, mijn gemeente, mijn stad verbeteren? Hoe neem ik als inwoner zelf, en niet iemand die het voor mij doet (in naam van een politieke partij), een kwaliteitsbeslissing? Hoe breng ik weer volop leven in Brussel? Ach, wie weet. De tijd, die als een tuinman knipt en snoeit om de ruimte in toom te houden, zal het leren. Maar ik hoop dat die tijd van een nieuwe en leefbare stad snel zal komen. Zeer snel! Want voordat ik samen met mijn kleine nichtje de deur naar mijn appartement doorga, kijk ik nog heel even om. Er gaat er een rilling door mijn rug. Ik blijf nog even kijken en zie recht in de ogen van de stad. De koude ogen van Brussel. De ogen van de dood.

 

Hieronder vind je mijn boeken top 7. Boeken die je verder op weg kunnen helpen en je leven (positief) zullen veranderen. Leen ze, haal ze uit de bibliotheek of koop ze tweedehands bij Pêle-Mêle in Boulevard Maurice Lemonnier.

  1. Thinking, Fast and Slow van Daniel Kahneman. Een meesterwerk over rationeel denken. Let op: langzaam lezen! (Een ander boek over rationeel denken, en die makkelijker te lezen is, is The Art of Thinking Clearly van Rolf Dobelli.)
  2. Erotiek en liefde in de Arabische wereld: The Parfumed Garden van Sjeik Nefzaoui.
  3. Houd je van geschiedenis? Lees dan Een kleine geschiedenis van de Wereld van Ernst Gombrich.
  4. Wil je iets weten over positieve psychologie en het belang van Flow in je leven, lees: Flow van Mihaly Csikszentmihalyi.
  5. Techniek en filosofie? Een van mijn favorieten en het beste boek dat ik over deze twee onderwerpen heb gelezen: Zen and the Art of Motorcycle Maintenance van Robert Pirsig.
  6. De invloed van de chemische industrie en atoomproeven op onze gezondheid: Green Intelligence van John Wargo.
  7. Kennis over architectuur en hoe dit jouw omgeving positief kan beïnvloeden (en daarmee je gemoedstoestand) vind je in twee boeken van Christopher Alexander:
    1. A Timeless Way of Building
    2. A Pattern Language

photo by: Cendra Smith

 

 

Related Post

Leave a Reply